Lucie van Egmond , poppen maken - schilderen

Oktober 2014
In het Mauritshuis in Den Haag hangt het meest geliefde schilderij van Johannes Vermeer: Het meisje met de parel.

Had dit lieftallige meisje ook een zusje? Jazeker en ook nog wel een eeneiige tweelingzus want die mooie meiden lijken op elkaar als de bekende druppels water. En sinds kort weet ik ook bij wie deze andere parel aan de muur hangt. U hebt het goed geraden, in de kamer bij Lucie van Egmond. Nee, niks geen poster, maar een echt schilderij van de zus van die parelende schoonheid die in het Mauritshuis valt te bewonderen. Toen ik haar voor de eerste keer zag ging er even door mij heen: op naar Den Haag en omruilen, geen bezoeker die het merkt. Een knotse gedachte natuurlijk, maar het zegt wel wat over de schildervaardigheden van Lucie. En ondanks de artrose, het zondagse woord voor slijtage, hanteert zij de schilderskwast nog met plezier en met verve.

De Langevliet waaraan Lucie haar domicilie heeft, doet zijn naam alle eer aan want lang is de vliet. En het is dan ook maar goed dat er een levensechte nep kalf in de voortuin staat bij de ‘Egmonders’, anders valt het niet mee om op het juiste erf te belanden. Maar het kalf en de koffiegeur waren een uitstekende Tom-Tom .

Als ik de woonkamer binnenstap vallen mij meteen twee schilderijen op van vrouwelijke schonen. Dat van het naamloze meisje met de parel en van Corrie 3, de laatste koe van de Koegraspolder. De Corrie 3 was van de gebroeders Klaas en Dirk van Egmond, de laatste veehouders in de Koegraspolder. Dit was voor Lucie de aanleiding om van koe Corrie op de ezel een portret te maken.

 

In 1990 is Lucie met schilderen begonnen. Daarvoor had zij al haar creativiteit gestopt in het maken en aankleden van zogenoemde karakterpoppen en replica’s van antieke poppen. Op mijn vraag naar het aantal door haar gemaakte en aangeklede poppen klopt het aantal niet, te bescheiden proef ik gewoon. Als een veilingmeester bij een verkoop ontlok ik Lucie een hoger bod en sla ik pas af bij een aantal van zeventig perfect zelfgemaakte en authentiek aangeklede poppen. Zowel in de kamer als in de antieke kast staat nog een flink aantal gevarieerde exemplaren; de één nog mooier dan de ander. Prachtig!

 

 

En nu schildert zij dus alweer zo’n vijfentwintig jaar, en hoe! Begonnen met aquarel- en acrylverf en nu vooral met olieverf van het merk ‘Rembrandt’, de beroemde collega van Lucie uit de 17e eeuw.

En of het nu om landschappen gaat, bloemen, dieren, portretten of bijbelse thema’s, zij draait er haar hand niet voor om. Ik heb sterk de indruk dat haar voorkeur uit gaat naar het schilderen van portretten. Als ik het haar vraag heb ik goed geraden want het JA zegt zij in hoofdletters en vetgedrukt.

Lucie groeide op in het gehucht Hobrede dat onder gemeente Zeevang valt. Als piepjong grietje had zij al oog voor kleur en detail en tekenen was voor haar een heerlijke bezigheid. Papier en potlood waren haar trouwe metgezellen. Een inmiddels groter gegroeide Lucie liep op een keer door de Kalverstraat in Amsterdam toen haar oog viel op een fraai aangeklede etalagepop. Zij bleef voor de etalage staan en sloeg aan het schetsen. Op een gegeven moment wordt zij door een agent in burger (zo bleek later), op de schouder getikt, hij wilde weten wat zij aan het doen was. Geen al te snuggere opmerking denk je dan, maar oom agent dacht dat zij iemand van de concurrentie was en het model wilde kopiëren. Maar toen bleek dat dit niet het geval was, kreeg Lucie van Bromsnor een hoog cijfer voor haar tekening.

In een map of deftiger gezegd in haar portfolio blader ik door een aantal portretten heen van voor mij bekende en minder bekende gezichten. Ik wou dat ik zo kon tekenen of schilderen. Hoeveel tijd er in het schilderen van een portret gaat zitten valt moeilijk te zeggen. Er zit wel verschil tussen een jong gezicht en dat van een rijper iemand. Het karakter aanbrengen in een portret van een ouder iemand vergt meer tijd en energie. Ook het mengen van de verf om tot de juiste kleur te komen kost veel tijd.
De teller van het aantal door Lucie gemaakte portretten schommelt rond de honderd. Waarlijk geen sinecure.

Ik wordt min of meer gedwongen om mijn interview met mijn gastvrouw te onderbreken omdat de 20-jarige poes Karel op niet mis te verstane wijze mijn aandacht opeist. Pas na een aai of dertig en nadat ik Karel heb beloofd dat het schilderij dat zijn bazin van hem maakte ook in deze Eén zou komen te staan, mocht ik van Karel weer verder gaan.

Bij de Noorder Kunstkring ontstond de interesse voor de zogeheten “Oude Meesters”. Hoe kregen deze schilders het toch voor elkaar om een bijna fotografisch schilderij af te leveren. Gewoon niet te geloven!! Tijdens haar Oude-Meesters-ontdekkingsreis heeft zij veel te danken gehad aan Pieter ten Boekel. Een naam die mij niets zegt, maar een bekende is onder de hanteerders van doek, kwast, verf en ezel.

De moeilijkste onderdelen bij het schilderen van een portret vindt Lucie de mond en de ogen. Als het zeg maar ‘lekker’ gaat dan vergeet Lucie tijd en omgeving. Dan zit zij er zowel letterlijk als figuurlijk helemaal in. Dan probeer je naar buiten brengen wat van binnen leeft. Deze woorden lees ik ook in een krantenartikel n.a.v. een expositie van het werk van Lucie in Den Koogh.

Als er geëxposeerd wordt, bepaalt meestal de galeriehouder dat er een prijzenlijstje komt met de prijzen van de schilderijen. Om Lucie hoeft dat niet zo nodig. Och, als er dan wat verkocht wordt is dat

natuurlijk wel mooi. Maar een schilderij schenken aan iemand waarvan ze voelt en weet dat er sprake is van een duidelijke gevoelswaarde bij die persoon, dan geeft het weggeven van een schilderij vaak meer voldoening bij Lucie.

Maar al doe ik nog zo mijn best om Lucie te overtuigen dat ik heel veel gevoelswaarde heb bij het schilderij van het Meisje met de parel, zij is toch niet te vermurwen. Het mooie kind heeft het prima naar de zin in huize ‘Van Egmond’ en Lucie wil het voor geen goud missen. Dus laat gevoel of een dikke portemonnee maar gerust thuis, het lukt je echt niet.

Misschien wel de mooiste waardering die zij ooit kreeg voor een schilderij, komt op naam van lijstenmaker Ton Roelofs. Een woordeloze emotionele waardering die spreekt uit de lijst waarin hij het schilderij van het Meisje met de parel heeft “gevat”. Fantastisch!

Gaat u maar eens kijken bij Lucie, het Egmondhuis is een stuk dichter bij als het Mauritshuis in Den Haag en echt die meiden lijken sprekend op elkaar.

Rien Schelhaas